vrijdag 20 januari 2012

Einsam wie Franz Kafka



Einsam wie Franz Kafka

Daar, in het hart van de stad

Lopend in een tenue-de-ville

Begraaft hij zomer en wat hij had

Rusten doen we in vergetelheid,

Marmeren mausolea, gifglanzend

 En toch, slaaponderbreking ten spijt

Met vervloeking van sondedromen

Stromen verruimende visioenen binnen

Als troebele, ondiepe verhaalstromen

En door ongewassen winkelvensters

staart het spookmens niet terug

De nacht valt laag, eenzaamheid spuit gensters

als bij een sneeuwbui worden we bedolven

In zijn binnenleven valt satan als de bliksem

In de kroonspiegels verschijnen wolven

In het lokaal van de nacht, scheuren we stukken vlees

Uit goudbeladen lichamen met schurftige glans

Liefde, een Dubbelmonarchie, een guillotine zonder vrees

Met deemoedshouding leest hij Dostojevski

‘Hel is ene toestand waarin we niet meer kunnen liefhebben.’

In deze schijnwereld, in deze renaissancepracht, is liefhebben strijdmêlee

De sneeuw klinkt zo gedempt als rood satijn

Of een isoleerkamer met glasheldere atmosfeer

In dit pied-de-poule panopticon kan hij niet zijn

Zoek hem over bruggen en kauwen te Praag

Radicaal emotioneel schrijft een tovenaarsleerling

 zijn getuigenis neer, gescheurd en bij een vlaag

Uit misprezen adelsnobisme en verlamming

Groeit een pleitbezorger van geloofsersatz

Omdat niets is wat we willen - smartsbezinging

Maken we de willekeur af

Het wrede waltzen van de werkelijkheid

Gromt in zijn aangezicht, immer laf

1 reacties:

  1. Meine allerliebste Ulrike,
    Het zou me niet verwonderen als je op een dag Stadsdichteres zou worden.
    Intussen krijg je bij mij alvast de prijs “Beste Blog van de Week”.
    Kusjes, heel veel liefs,
    Nadja
    <3

    BeantwoordenVerwijderen